Spam is een vorm van E-mailmarketing

0
744

Spam is een verzamelnaam voor ongewenste berichten. Spam is ook bekend als Unsolicited Commercial E-mail en Unsolicited Bulk E-mail. Meestal wordt met de term ongewenste e-mail bedoeld, maar ook ongewenste reclameboodschappen op websites (onder andere fora) vallen onder spam. Spam is moeilijk te definiëren. Niet ieder initiatief van mensen of organisaties om contact te leggen is spam. Spam onderscheidt zich van andere vormen van commerciële communicatie doordat een bericht wordt gestuurd aan een groep die zeer veel groter is dan de potentiële doelgroep. Omdat deze afbakening te maken heeft met de proporties, zou je verwachten dat het moeilijk is om te bepalen of een bericht spam is of niet. Vanwege de enorme schaal waarop spammers opereren is het in de meeste gevallen echter zeer duidelijk.

Kenmerken van spamberichten:
berichten worden in grote hoeveelheden verstuurd, naar duizenden mensen tegelijkertijd.
het spammen heeft een commercieel doel. Meestal bevatten de berichten daarom een verwijzing naar een product of website.
de berichten worden verstuurd of geplaatst zonder toestemming of medeweten van de website, of de ontvanger.

De economische bestaansreden van spam is gelegen in de zeer lage kosten van het versturen van e-mail of het plaatsen van een ongewenste reactie op een website. Een spammer kan rendabel miljoenen spamberichten versturen om slechts één product te verkopen. Het kost ongeveer 150 euro om 20 miljoen spamberichten te laten verzenden, dat zijn meer dan 100 000 spamberichten per euro. Er is wereldwijd een levendige handel in bestanden met vele miljoenen e-mailadressen.

De kosten worden evenwel verplaatst naar de ontvangers: tegenover een kleine groep geïnteresseerden staan zeer veel mensen die tijd kwijt zijn met het verwijderen van berichten uit hun mailbox.

Politiek en spam

De politieke strijd voor het verbieden van spam wordt tegengewerkt door directmarketing–bedrijven, die een commercieel belang hebben bij het verzenden van reclame per e-mail. Langzaam maar zeker is ook bij deze beroepsgroep een omslag waar te nemen en groeit het besef dat alleen reclame die op verzoek van de ontvanger wordt toegestuurd (opt-in) aanvaardbaar is. Deze vorm van reclame is overigens gemakkelijk te vermijden doordat deze bedrijven hun afzenderadres niet verbergen. Men kan dus programmatuur installeren om op dit afzenderadres te filteren.

Inmiddels is een Europese Richtlijn aangenomen die spam moet tegengaan: “Het gebruik van automatische oproepsystemen zonder menselijke tussenkomst (automatische oproepapparaten), fax of e-mail met het oog op direct marketing kan alleen worden toegestaan met betrekking tot abonnees die daarin vooraf hebben toegestemd.” (richtlijn 2002/58/EG d.d. 12 juli 2002, artikel 13, lid 1). Ter implementatie van deze richtlijn in Nederlandse wetgeving is een ontwerpwetsvoorstel gereed. Dit is in februari 2011 voor advies aan de Raad van State voorgelegd. Daarin wordt een regeling getroffen die communicatie voor directmarketingdoeleinden via e-mail onderwerpt aan het opt-insysteem.

Ondertussen krijgt het spamprobleem weinig aandacht in de Nederlandse politiek. Bij de Tweede Kamer-verkiezingen van januari 2003 was op de website van slechts twee van de grote partijen iets over het thema spam te vinden:
GroenLinks “kiest voor opt-in en tegen spam”
De SP wil dat Internet Service Providers “hun mailservers zo inrichten dat gebruikers zoveel mogelijk gevrijwaard blijven van ongevraagde commerciële e-mail (‘spam’) en e-mailbommen.”

Over het spamstandpunt van CDA, VVD, PvdA, LPF en D66 was op de website niets te vinden.

Op 20 april 2004 nam de Eerste Kamer een wet aan die het versturen van spam binnen Nederland verbiedt. De wet was een initiatief van minister Brinkhorst van Economische Zaken en brengt de Nederlandse situatie in overeenstemming met een Europese richtlijn. Deze aanpassingen in de Telecommunicatiewet 1998 werden op 19 mei 2004 actief. OPTA zal zorgen voor de handhaving van de wet en mag boetes opleggen. Helaas komt de meeste spam uit het buitenland, waar de Nederlandse wet niet van toepassing is.

Een aantal anti-spamorganisaties, zoals Spamvrij.nl, vonden de wet niet ver genoeg gaan omdat deze alleen consumenten beschermt; aan bedrijven mag wel spam gestuurd worden. Daarnaast trokken ze de kwaliteiten van OPTA voor deze taak in twijfel.

OPTA-acties

Artikel 11.7 Telecommunicatiewet, door juristen aangeduid als het spamverbod, schrijft voor dat bedrijven slechts reclame mogen sturen als de klant hier zelf om heeft gevraagd (opt-in). Het mag niet zo zijn dat alleen middels een actie van de klant (bijvoorbeeld door het wegklikken van een al aangevinkt vierkantje) er geen reclame wordt toegestuurd. De klant moet via een actieve handeling (bijvoorbeeld het aanklikken van een nog niet aangevinkt vierkantje) zelf om het toezenden van de reclame vragen. Bestaande klanten die informatie ontvangen moeten kosteloos kunnen aangeven dat ze dit niet meer willen (opt-out). Ook moet de afzender duidelijk aangeven dat het bericht van hem komt. OPTA is bevoegd boetes op te leggen met een maximum van € 450 000.

Op 28 december 2004 legde de OPTA in Nederland de eerste boetes op aan de verzenders van spam. De hoogste boete bedroeg 42 500 euro, aan iemand die vier verzendingen had uitgevoerd. Hij had onder andere spam verstuurd waarin werd opgeroepen medicijnen te kopen. Verder was het boek Mein Kampf aangeprezen met gebruik van de naam van spambestrijder Rejo Zenger.

Een ander bedrijf kreeg een boete van 25.000 euro opgelegd voor het verzenden van mail uit naam van ‘Tekstbureau voor Marketingteksten’.

De Stichting Yellow Monday, die gebruikmaakte van de naam ‘Purple Friday’ kreeg een boete van 20.000 euro voor het versturen van spam per sms, waarvoor de ontvanger zonder daarvoor toestemming gegeven te hebben 1,10 euro per bericht moest betalen.

bron wikipedia.nl

Vorig artikelinternetcasino’s
Volgend artikelLinkfarm of bannerfarm